• Wouter van Dijk

College ontkent beweringen van oud-wethouder Van den Hengel

BARNEVELD Het Barneveldse college van b. en w. blijft erbij dat het pas in maart 2018 op de hoogte werd gesteld over de zandkwestie. Het bestrijdt daarmee de stellingname van oud-wethouder Gerard van den Hengel, die woensdag schriftelijk bezwaar maakte bij het college over opmerkingen van wethouder Aart de Kruijf over zijn betrokkenheid bij de crisis. Van den Hengel vroeg het college om de 'verdachtmaking' van De Kruijf in te trekken en deze te rectificeren. Dit gebeurt dus niet. 

Jannes Bijlsma

In een verontwaardigde brief stelde Van den Hengel woensdag dat hij zijn mede-collegeleden in december 2017 wel degelijk direct had bijgepraat over de kwestie rond het gesaneerd zand van Vink. Dit is in tegenstelling met wat De Kruijf maandagavond beweerde tijdens een commissievergadering. Die meldde dat hij er pas drie maanden later, op 20 maart 2018 tijdens een collegevergadering, voor het eerst over werd geïnformeerd. Van den Hengel schreef dinsdag dat hij, een week nadat een vertegenwoordiger van Omgevingsdienst De Vallei hem hier over had geïnformeerd, burgemeester Van Dijk, wethouder De Kruijf en projectleider Schouwaert er deelgenoot van maakte. Later bracht hij het nog eens ter sprake tijdens een stuurgroepvergadering over de wijk Eilanden-Oost of Veller.

OPRECHTE HERINNERING Naar aanleiding van Van den Hengels schrijven, zijn het college en betrokken ambtenaren dinsdag nog eens terug in de tijd gegaan, zo schrijven b. en w. in een reactie. ,,Het is onze oprechte herinnering dat de eind 2017 informeel gedeelde informatie vanuit de provincie, voor het eerst in de rondvraag van de collegevergadering van 20 maart is besproken. In de tussenliggende periode is het niet aan de orde geweest. Wij herkennen ons dan ook niet in de brief van de heer Van den Hengel over de gang van zaken rond de informatieverstrekking."

Van den Hengel was daarnaast verontwaardigd dat De Kruijf zijn naam onthulde tijdens de vergadering, als de persoon die in december 2017 informeel was geïnformeerd over de zandkwestie. ,,Het is not done om de naam van een voorganger te noemen terwijl deze zich niet kan verdedigen. Zeker daar ik niet ben gehoord door de commissie Eenhoorn (die de afgelopen maanden in opdracht van de raad onderzoek deed naar de kwestie, red.)." Hij schreef tevens dat het binnen het Nederlandse staatsrecht zo is dat een opvolger volledig verantwoordelijk is voor het handelen van zijn voorganger. Hierop reageren b. en w.: ,,In december 2017 heeft oud-gedeputeerde Bieze oud-gedeputeerde Van den Hengel informeel geïnformeerd over de zandkwestie. Dit geldt, gelet op het collegiaal bestuur, als informatieverstrekking aan ons hele college. In onze correspondentie met uw raad over de zandkwestie hebben wij in termen van 'wij' en ons' het collegiaal bestuur uitgedrukt."

Opvallend is dat het college in zijn reactie niet ingaat op Van den Hengels beschuldiging dat De Kruijf en Schouwaert zijn suggestie tijdens één van de stuurgroepvergaderingen om 'breder aandacht aan de kwestie te besteden' stevig afwezen. Hiermee zou de voortgang van een van de nieuwbouwprojecten in gevaar kunnen komen, zo meenden zij volgens de oud-wethouder. ,,De reactie van de heren was of ik wel goed bij mijn hoofd was."

Donderdagavond komen beide brieven aan de orde tijdens de raadsvergadering die in zijn geheel gewijd zal zijn aan de zandkwestie en het rapport van de commissie Eenhoorn. Oppositiepartij Lokaal Belang drong woensdag, naar aanleiding van Van den Hengels brief, aan op uitstel van de vergadering met minimaal een week. Dit om de onderzoekers van de commissie Eenhoorn de gang van zaken van eind december 2017/begin 2018 te kunnen laten onderzoeken. Onduidelijk is nog of de andere politieke partijen hier gehoor aan willen geven.